MOI-calculator (Multiplicity of Infection).
MOI-calculator (Multiplicity of Infection) houdt de relatie infectious units = cellen × MOI, in beide richtingen.
Waarom MOI geen ‘infectiepercentage’ is
MOI 5 op 1×10⁶ cellen vraagt 5×10⁶ infectious units. Poisson: fractie onbezet e^(−m). Bij m=5 is bijna iedereen minstens één keer geraakt, velen vaker. Wie MOI 1 als ‘100% transductie’ verkoopt, negeert e^(−1)≈37% nul. Deze pagina rekent de productregel, geen Poisson-tabel, maar de 5e6 is het volume dat je uit de titer haalt.
Nederlandse vectorlabs (lentivirus, AAV) mengen TU/mL met genoomkopieën. 5e6 GC is niet 5e6 TU. De golden 1e6 × 5 = 5e6 is methode-agnostisch: jij kiest wat ‘infectious unit’ is. Hemocytometer 1,2e6/mL in 0,83 mL is 1e6 cellen — eerst tellen, dan MOI.
Oplosrichtingen: ken je voorraad 5e6 IU en wil je MOI 5, dan cellen=1e6. Ken je 1e6 cellen en 2e6 IU, dan MOI=2. De testdag is 5.
Voordat je begint
Live Target cells 1e6. Gewenste MOI 5. Of Infectious units 5e6. Titer in IU/mL × volume = units. Canonieke triple 1000000, 5, 5000000.
Veelvoorkomende gebruiksscenario’s
- Canonieke 1e6 × 5 = 5e6
- Poisson-disclaimer bij MOI 1 versus 5
- Oplossen voor cellen
- TU versus GC in de tekst
- Na viability: alleen live
- Pipetvolume elders
Hoe deze rekenmachine te gebruiken
- Vul twee van Target cells, MOI, Infectious units in.
- Lees de derde.
Stap-voor-stap uitleg
Loes infecteert 1e6 HEK bij MOI 5.
Resultaat: 5000000 infectious units.
Sanity-check: 1e6×5=5e6. 5e5 is MOI 0,5. 5e7 is MOI 50 of 1e7 cellen.
Takeaway: Loes schrijft 1e6 live, MOI 5, 5e6 IU, titerdefinitie, volume apart.
Formule en methode
viruses = cells × moi (en cyclische herschikkingen)
Elke invoer begrijpen
cells — 1000000. moi — 5. viruses — 5000000.
Aannames
Homogene menging, titer klopt, geen inactivatie in de mix, Poisson niet uitgerekend.
Veelgemaakte fouten met MOI-calculator (Multiplicity of Infection)
- GC als IU.
- MOI 5 als 5% infectie.
- Dode cellen in 1e6.
Uitgewerkte voorbeelden
-
1e6, 5 → 5e6. Canonieke check.
-
Zelfde product omgekeerd: MOI = 5e6/1e6.
-
Zelfde 5 niet 0,5. Terug tot 5000000.
Het interpreteren van uw resultaten
| Veld | Waar je op let |
|---|---|
| Infectious units | 5e6 anker |
| MOI | toegevoegde IU/cel |
| Target cells | live, 1e6 |
Hoge MOI: toxiciteit en meervoudige integraties. Lage MOI: veel onbezette cellen.
Resultaten vastleggen en delen
Cellen, MOI, IU, titer-eenheid, volume, tijd, lijn.
Eén miljoen live HEK × MOI 5 = 5×10⁶ infectious units. Poisson P(0)=e^(−5)≈0,67%: bijna iedereen geraakt, velen vaker. MOI 1 is geen 100% transductie (e^(−1)≈37% nul). PFU, TU, GC zijn verschillende 5e6. Volume 10 µL of 10 mL: zelfde MOI, andere pipet. Dode cellen niet in 1e6. Oplosrichting: IU bekend → cellen = IU/MOI. Hemocytometer 1,2e6/mL × 0,83 mL ≈ 1e6. Titer verse aliquot. Receptorverzadiging ontbreekt. In-vivo dosis is geen MOI. Noteer 1e6 live, 5, 5e6, TU of GC, volume, tijd. Houd 5000000 bij 1000000 × 5.
Lentivirus in BSL-2: dezelfde productregel, extra SOP. AAV GC/mL ligt vaak logs boven TU; MOI 5 GC is een andere infectie dan MOI 5 TU. Adsorb 2 h, dan medium: de motor ziet niet de kinetiek. Toxiciteit bij MOI 50 is geen reden om 5e6 te ontkennen; het is een andere keuze. Split de dag erna verandert cellen, niet de toegevoegde IU. Documenteer serotype. Houd de testdag 1e6, 5, 5e6.
Praktische tips
- Titer verse aliquot.
- Poisson P(k) elders uitrekenen.
- Verdubbelingstijd: cellen nu, niet morgen.
- Hemocytometer eerst.
Rekenen in de praktijk
1×10⁶ cellen × MOI 5 = 5×10⁶ infectious units. Golden: 5e6. Poisson: bij MOI 5 is het aandeel ongeïnfecteerde cellen e^(−5) ≈ 0,67%, niet nul. Adsorptiekinetiek ontbreekt. Receptorverzadiging ontbreekt. In-vivo dosis ontbreekt.
Titer uit een plaque-assay is pfu/mL, geen magische MOI. Volume = units / titer. Deze pagina koppelt cellen, MOI en units; de kolfvolume-som doe je erna. Hemocytometer levert de cellen. Viability 90% betekent dat 1e6 total geen 1e6 infecteerbare cellen zijn — zeg welke je bedoelt.
MOI 1 is een andere les: ~63% van de cellen krijgt minstens één particle. MOI 5 is “bijna alles”, niet “vijf keer zoveel expressie gegarandeerd”. Overinfectie is toxisch; dat zit niet in 5e6.
Noteer cellen, MOI, 5e6 units, titer als je hem hebt, en het tijdstip na zaaien. Verdunning van de virusvoorraad is geen mol/L; molariteit is alleen analogie.
Een tweede run 2e6 cellen × MOI 1 = 2e6 units is geen golden. De golden blijft 1e6 × 5 = 5e6.
Wat er misgaat in het verslag
1×10⁶ cellen × MOI 5 = 5×10⁶ infectious units. Titer 1×10⁸ pfu/mL vraagt 50 µL. Die 50 µL is jouw pipet, geen veld. Poisson: e^(−5) ≈ 0,67% ongeïnfecteerd. MOI 5 is niet “vijf virussen in elke cel gegarandeerd”. Overinfectie kan toxisch zijn.
Adsorptie in 30 minuten is kinetiek, geen 5e6. Receptorverzadiging bij hoge MOI ontbreekt. In-vivo mg/kg ontbreekt. 90% viability: 1e6 totaal is 0,9e6 live. Zeg welke N je gebruikt.
Hemocytometer → cellen. Td → wanneer je infecteert. Verdunning van stock is analogie met M₁V₁, geen mol/L virus.
Checklist: 1e6 cellen, MOI 5, 5e6 units, titer, volume, live of totaal, tijdstip. Extra MOI 1 voor 63%-les. Golden blijft 5e6.
Een tweede fles 2e6 × MOI 5 = 1e7 units. Schaalt lineair. Geen golden. Wie MOI als 5% invult, heeft het veld niet begrepen: MOI is ratio, niet procent.
Werkcollege in Nederland
1e6 cellen, MOI 5, 5e6 units. Titer op de buis 1e8 per milliliter: 50 microliter. Pipet dat volume, de motor doet het niet. Poisson e tot de min 5 is 0,67 procent ongeïnfecteerd. MOI 1 is de 63-procent-les, extra run. Overinfectie toxisch: protocol, geen veld.
90 procent live: 9e5 infecteerbaar als je live bedoelt. Hemocytometer voor N. Td voor het tijdstip. Stock verdunnen is analogie, geen mol/L. Verslag: N, MOI, 5e6, titer, microliter, live of totaal. Golden blijft 5e6.
Een tweede put 2e6 × 5 = 1e7. Lineair. Geen golden. MOI als 5 procent is een begripsfout. Receptorverzadiging bij 50 is niet deze som. In muizen is mg/kg een andere wereld. Zeg in vitro. Zeg put. Zeg units.
Adsorptie 30 minuten op ijs versus 37 °C verandert de effectieve MOI, niet 5e6 op papier. Noteer het incubatieprotocol naast het getal. Anders is 5e6 een papieren ratio zonder biologie.
Fouten die de nakijker altijd ziet
5e6 units, niet 5e6 cellen, niet MOI 5e6. Titer op de buis en microliter in de notule. Poisson zin bij MOI 5. Live of totaal. Putvolume. Incubatie 37 °C of ijs. Extra MOI 1 als begrip. Golden 1e6 × 5 = 5e6 vóór elke schaal. In-vivo dosis weigeren. mol/L virus weigeren. 5 procent MOI weigeren. Receptorverzadiging bij 50 is discussie, geen motor.
Labjournaal
Loes noteert in het labjournaal van 12 maart: HEK293, passage 18, 1,0×10⁶ live cellen na trypan, MOI 5 TU, 5,0×10⁶ transducing units, titer 1,0×10⁸ TU/mL, volume 50 µL, 2 uur adsorptie bij 37 °C, daarna medium. Poisson P(0)≈0,67% als zin, geen extra veld. De testdag 5e6 blijft de motorcheck. Een put met 8×10⁵ cellen is een andere rij. Wie MOI 5 als 5 procent opschrijft, krijgt de nakijker over zich heen. BSL-2 SOP in dezelfde alinea als 5e6, niet erna als naschrift.
Beperkingen en wanneer niet te gebruiken
Geen adsorptiekinetiek, geen receptorverzadiging, geen in-vivo dosis.
Wanneer moet u een ander hulpmiddel zoeken?
- Cellen/mL: hemocytometer.
- Live%: viability.
- Groei tot de infectie: verdubbeling.
- Verdunnen van de voorraad: molariteit alleen als analogie; virus is geen mol/L.