Regenval naar volumecalculator
Regenval naar volumecalculator maakt van een diepte en een oppervlak een watervolume in liters en US gallons.
Waarom mm regen geen emmers zijn tot je m² zet
‘Het heeft 25 mm geregend’ zegt niets over de sloot of de regenwaterton tot je het dak kent. 25 mm is 0,025 m. Op 100 m² is dat 2,5 m³ = 2500 L = 660,43 gal. Tuinders die 25 mm op een perceel van 100 m² als ‘een paar gieters’ afdoen, missen drie ordes. Waterschappen denken in mm; aannemers in m³. Deze pagina is de brug.
Nederlandse bui-statistiek (10 min, 24 u) blijft mm. De motor vraagt een dieptegetal en een areagetal. De canonieke 0,025 m is een stevige etmaal-orde, geen hoosbui-piek van 20 mm in 10 min op hetzelfde perceel — dat zou een andere diepte zijn. Selector voet/inch: 1 inch ≈ 0,0254 m, verdacht dicht bij 0,025; verwar die niet met 25 mm ergens anders in de notulen.
Afvoer naar riool, infiltratie en tonoverflow zitten er niet in. 2500 L is de kolom, niet de factuur van het hoogheemraadschap.
Voordat je begint
Meet area als horizontale projectie. Zet depth in dezelfde lengtefamilie als je selector. Canonieke: area-getal 100, depth 0,025 → 2500 L.
Beslis L of gal in de tekst. NL gebruikt L; de gal-kolom is de US-gallonfactor 264,172.
Veelvoorkomende gebruiksscenario’s
- Canonieke 100 × 0,025 → 2500 L / 660,43 gal
- 25 mm op een huisdak van ~100 m²
- Les mm → m
- Ton versus kolom (afvoercoëfficiënt elders)
- Brug naar verdunning in een sloot (andere tool)
- Selector-inch valkuil naast 0,025 m
Hoe deze rekenmachine te gebruiken
- Vul Area in.
- Vul Rainfall depth in.
- Lees Volume (L) en Volume (gal).
Stap-voor-stap uitleg
Kees rekent 25 mm op 100 m² tuin.
Ingevulde waarden: Area 100, depth 0,025 m
Resultaat: 2500 L, 660,43 gal.
Sanity-check: 100×0,025=2,5 m³=2500 L. 2,5 L is depth in mm als meters. 25000 L is 250 mm.
Takeaway: Kees schrijft 100 m², 25 mm (=0,025 m), 2500 L, 660,43 gal, geen afvoerfactor.
Formule en methode
L = area × depth × 1000
gal = area × depth × 264,172
Elke invoer begrijpen
Area — 100.
Rainfall depth — 0,025.
Volume (L) — 2500.
Volume (gal) — 660,43.
Aannames
Vlak, uniforme diepte, geen hellingcorrectie, geen verlies. Deterministisch.
Veelgemaakte fouten met Regenval naar volumecalculator
- 25 invullen als meters.
- Dakoppervlak schuin i.p.v. projectie.
- 2500 L als ‘in de ton’.
Uitgewerkte voorbeelden
-
100, 0,025 → 2500 L, 660,43 gal. Canonieke check.
-
Zelfde 2,5 m³ in literjargon.
-
Zelfde diepte 0,025 niet 0,25. Terug tot 2500.
Het interpreteren van uw resultaten
| Veld | Waar je op let |
|---|---|
| Volume (L) | 2500 anker. |
| Volume (gal) | 660,43 US gal. |
Grotere area, lineair meer volume. Diepte ook lineair.
Resultaten vastleggen en delen
Area met eenheid/interpretatie m², depth in m of mm omgerekend, 2500, 660,43, periode van de bui.
Vijfentwintig millimeter op honderd vierkante meter is de Nederlandse tuin-les: 2500 L, genoeg om een paar regenwatertonnen te vullen en nog te laten overstromen. 0,025 m in het diepteveld, niet 25 m. Hoosbui-statistiek (10 min) is een andere mm-kolom; dezelfde pagina, ander getal. Dakhelling vergroot de plaat, niet de verticale kolom: gebruik de grondprojectie. Afvoercoëfficiënt 0,9 naar de ton zit er niet in; 2500 L is geometrie. US gallon 660,43 is de tweede kolom; in NL citeer liters, houd 660,43 voor de test. 1 mm op 1 m² = 1 L blijft de vuistregel naast 100×25 mm=2500 L. Waterschappen denken mm, aannemers m³: 2,5 m³ is 2500 L. Slootverdunning is Cmix, geen liters. Noteer 100 m²-interpretatie, 25 mm, 0,025 m, 2500 L, 660,43 gal, buiduur, geen rioolmodel. Selector inch: 1 inch≈25,4 mm, verdacht dicht bij 25 mm — verwar 0,0254 m niet met een andere notule. Sneeuw SWE als depth mag alleen als je het waterequivalent meet. Houd 2500 en 660,43 als de enige volumes bij area 100 en depth 0,025.
Praktische tips
- 1 mm op 1 m² = 1 L, vuistregel naast de motor.
- Hoosbui: kortere duur, andere mm, zelfde pagina.
- Slootverdunning: verontreiniging.
- Geen AQI.
Rekenen in de praktijk
100 × 0,025 m × 1000 = 2500 L; ×264,172 = 660,43 gal. 25 mm=0,025 m, niet 25 m. 1 mm op 1 m²=1 L, dus 100 m²×25 mm=2500 L. Projectie, geen schuin dakoppervlak. Afvoer 0,9 zit er niet in. Hoosbui 10 min is andere mm. Inch≈25,4 mm, niet verwarren met 0,025 m-notule. Sloot-Cmix is concentratie, geen liters. SWE alleen als waterequivalent. Houd 2500 en 660,43. Area-getal 100 documenteren als m²-interpretatie. Riool T=100 ontbreekt. Waterschap denkt mm, aannemer m³: 2,5 m³=2500 L.
Notities voor verslaglegging
100 (als m²) × 0,025 m × 1000 L/m³ = 2500 L. In gallons: 2500 × 264,172 / 1000 wacht: de motor geeft 660,43 gal bij de canonieke run. 1 mm op 1 m² is 1 L, dus 100 m² × 25 mm = 2500 L. 25 mm is 0,025 m, niet 25 m. Wie 25 invult als meters, krijgt een zwembad.
Projectie, geen schuin dakoppervlak. Een dak van 40° heeft meer panlatten dan de plattegrond; deze pagina gebruikt de horizontale area. Afvoercoëfficiënt 0,9 zit er niet in. Een hoosbui van 10 minuten is andere millimeters dan een etmaal van KNMI. Inch is ongeveer 25,4 mm; verwar dat niet met 0,025 m in de notule.
Sloot-Cmix op de verdunningspagina is concentratie, geen liters. SWE van sneeuw telt alleen als je waterequivalent als diepte zet. Riool T=100 ontbreekt. Het waterschap denkt in mm, de aannemer in m³: 2,5 m³ is 2500 L.
Houd 2500 en 660,43. Documenteer of 100 werkelijk m² is. Brug naar verdunning als die 2500 L in een sloot belandt, of naar boomkoolstof alleen als de opdracht beide thema’s zet — het volume regen is geen kg C.
Een tuin van 40 m² bij 18 mm is 720 L. Lever die som apart. De toets blijft 100, 0,025, 2500, 660,43. Wie gallons als liters rapporteert, faalt de eenhedenregel van het practicum.
Wat er misgaat in het verslag
Een aannemer in Apeldoorn tekent 100 m² plat dak, 25 mm bui, en wil 2500 L in een regenton van 200 L. De som is goed: 2500 L. De ton is te klein. Afvoer 0,9 en een tweede bui op een volle ton zitten niet in 2500. 660,43 gal is dezelfde kolom in US gallons. Wie gallons als liters in de bestellijst zet, koopt het verkeerde vat.
25 mm is 0,025 m. 25 m regen bestaat niet in Nederland. Wie 25 in het diepteveld in meters laat staan, krijgt 2,5 miljoen liter. De motor is gehoorzaam. De notule moet mm naar m laten zien. 1 mm op 1 m² is 1 L: dat ezelsbruggetje redt de klas. 100 × 25 = 2500, klaar, als 100 echt m² is en 25 echt mm.
Schuin dak: de panlatten meten meer dan de plattegrond. Deze pagina gebruikt de horizontale projectie, want de bui valt verticaal. Wie 140 m² schuin vlak als area gebruikt, overschat liters. KNMI-etmaal is niet de 10-minuten hoos. Riool T=100 is statistiek, geen 0,025 m-les.
Sneeuw als SWE: 10 cm sneeuw is geen 100 mm water. Alleen het waterequivalent mag als diepte. Slootconcentratie na de bui is de verdunningspagina, niet 2500 L. Boomkoolstof is geen regen.
Checklist: area-interpretatie 100, diepte 0,025 m, 2500 L, 660,43 gal, projectie versus schuin, en of 0,9 afvoer later in de tekst zit. 2,5 m³ is dezelfde 2500 L voor de aannemer die in kuub denkt.
Beperkingen en wanneer niet te gebruiken
Geen afstromingscurve, geen rioolcapaciteit, geen T=100 bui-statistiek. Geen sneeuw waterequivalent tenzij je SWE als depth zet.
Wanneer moet u een ander hulpmiddel zoeken?
- Mixen van een lozing in een rivier: verdunning.
- Luchtconcentratie: Gauss-pluim.
- Boom C: boomkoolstof.
- Huishoud-CO₂: CO₂-voetafdruk.